Klein Vaarbewijs 2 · oefenvragen

Rekenvragen navigatie: oefenvragen voor het Klein Vaarbewijs 2

12 oefenvragen over rekenvragen navigatie, met het antwoord, de uitleg en de bron. In de app oefent u alle 39 vragen van dit onderwerp en maakt u proefexamens.

Vraag 1 van 12kvb2-O-0007

U vaart op het IJsselmeer richting Lelystad met kompaskoers 182°. De deviatie voor deze koers is 3° west en de variatie is 5° oost. Welke ware koers is dat?

  1. A184°
  2. B174°
  3. C190°
  4. D180°
Antwoord en uitleg

Goed is A: 184°

Van kompaskoers naar ware koers: oostelijke deviatie en oostelijke variatie telt u op, westelijke trekt u af (het omgekeerde van ware koers naar kompaskoers). Stap 1: magnetische koers = 182° − 3° = 179°. Stap 2: ware koers = 179° + 5° = 184°.

Bron: Navigatierekenen, koers omrekenen (variatie en deviatie)

Vraag 2 van 12kvb2-O-0040

U wilt over de grond een koers van 180° varen. Door de westenwind heeft uw boot 6° drift naar lij, dus naar het oosten. Welke ware koers stuurt u om uw koers over de grond te houden?

  1. A180°
  2. B186°
  3. C174°
  4. D192°
Antwoord en uitleg

Goed is B: 186°

De wind duwt u van 180° weg naar het oosten; bij koers 180° ligt het oosten aan bakboord, dus zonder correctie wordt uw koers over de grond 174°. U stuurt de drift tegen, naar de wind toe, naar stuurboord: 180° + 6° = 186°.

Bron: Navigatierekenen, opsturen en drift

Vraag 3 van 12kvb2-O-0017

U vertrekt om 10:00 uur uit Den Helder voor een traject van 15 zeemijl over de Waddenzee. U vaart 5 knopen door het water en de stroom loopt met 1 knoop mee in de richting waarin u vaart. Hoe laat komt u aan?

  1. A13:00 uur
  2. B12:00 uur
  3. C13:45 uur
  4. D12:30 uur
Antwoord en uitleg

Goed is D: 12:30 uur

Snelheid over de grond = snelheid door het water plus de stroom mee, of min de stroom tegen (stroom in de lengterichting van uw koers). Stap 1: snelheid over de grond = 5 + 1 = 6 knopen. Stap 2: tijd = 15 / 6 = 2,5 uur = 2 uur en 30 minuten. Stap 3: 10:00 uur + 2 uur en 30 minuten = 12:30 uur.

Bron: Navigatierekenen, aankomsttijd met stroom mee of tegen

Vraag 4 van 12kvb2-O-0020

U vertrekt om 06:50 uur uit Harlingen voor een traject van 21 zeemijl. U vaart 4 knopen door het water en de stroom loopt met 2 knopen mee. Hoe laat komt u aan?

  1. A10:20 uur
  2. B09:50 uur
  3. C12:05 uur
  4. D17:20 uur
Antwoord en uitleg

Goed is A: 10:20 uur

Snelheid over de grond = snelheid door het water plus de stroom mee, of min de stroom tegen (stroom in de lengterichting van uw koers). Stap 1: snelheid over de grond = 4 + 2 = 6 knopen. Stap 2: tijd = 21 / 6 = 3,5 uur = 3 uur en 30 minuten. Stap 3: 06:50 uur + 3 uur en 30 minuten = 10:20 uur.

Bron: Navigatierekenen, aankomsttijd met stroom mee of tegen

Vraag 5 van 12kvb2-O-0011

Van Enkhuizen naar Stavoren legt u 21 zeemijl af in 3 uur en 30 minuten. Wat was uw gemiddelde snelheid in knopen?

  1. A3,5 knopen
  2. B5,25 knopen
  3. C6 knopen
  4. D7 knopen
Antwoord en uitleg

Goed is C: 6 knopen

Snelheid = afstand / tijd. Stap 1: 3 uur en 30 minuten = 3,5 uur. Stap 2: 21 zeemijl / 3,5 uur = 6 knopen.

Bron: Navigatierekenen, afstand, snelheid en tijd

Vraag 6 van 12kvb2-O-0002

Op de Oosterschelde wilt u vanaf Zierikzee een ware koers van 210° varen. De variatie is 4° west, de deviatie voor deze koers is 2° west. Welke kompaskoers hoort daarbij?

Kompasroos met ware noord, magnetisch noord 4° west daarvan en een ware koers van 210°.
  1. A216°
  2. B212°
  3. C204°
  4. D208°
Antwoord en uitleg

Goed is A: 216°

Van ware koers naar kompaskoers: oostelijke variatie en oostelijke deviatie trekt u af, westelijke telt u op (van kompaskoers terug naar ware koers is het andersom). Stap 1: magnetische koers = 210° + 4° = 214°. Stap 2: kompaskoers = 214° + 2° = 216°.

Bron: Navigatierekenen, koers omrekenen (variatie en deviatie)

Vraag 7 van 12kvb2-O-0028

Op de kaart staat een plaat die 0,5 m droogvalt (het dieptecijfer is onderstreept). Laagwater is om 07:00 uur met 0,2 m boven LAT, hoogwater om 13:00 uur met 3,8 m boven LAT. Hoeveel water staat er om 09:00 uur boven de plaat? Reken met de twaalfdelenregel.

  1. A1,1 m
  2. B1,6 m
  3. C0,6 m
  4. D0,9 m
Antwoord en uitleg

Goed is C: 0,6 m

Twaalfdelenregel: in de zes uur tussen laagwater en hoogwater stijgt het water per uur 1/12, 2/12, 3/12, 3/12, 2/12 en 1/12 van het getijverschil; bij dalend water gaat het net zo. Stap 1: getijverschil = 3,8 − 0,2 = 3,6 m. Stap 2: 09:00 uur is 2 uur na laagwater; het water is dan 1/12 + 2/12 = 3/12 gestegen: 3/12 × 3,6 = 0,9 m. Stap 3: waterhoogte = 0,2 + 0,9 = 1,1 m boven LAT. Stap 4: een droogvallende plaat ligt boven LAT, dus u trekt de droogvalhoogte af: 1,1 − 0,5 = 0,6 m water boven de plaat.

Bron: Navigatierekenen, twaalfdelenregel

Vraag 8 van 12kvb2-O-0022

U vaart 6 knopen door het water en de stroom loopt met 1,5 knoop mee. Hoeveel zeemijl legt u over de grond af in 40 minuten?

  1. A3 zeemijl
  2. B7,5 zeemijl
  3. C5 zeemijl
  4. D4 zeemijl
Antwoord en uitleg

Goed is C: 5 zeemijl

Snelheid over de grond = snelheid door het water plus de stroom mee, of min de stroom tegen (stroom in de lengterichting van uw koers). Stap 1: snelheid over de grond = 6 + 1,5 = 7,5 knopen. Stap 2: afstand = snelheid × tijd = 7,5 × 40 / 60 = 5 zeemijl.

Bron: Navigatierekenen, aankomsttijd met stroom mee of tegen

Vraag 9 van 12kvb2-O-0013

U vaart 36 minuten met 5 knopen over het Markermeer. Hoeveel zeemijl hebt u dan afgelegd?

  1. A7,2 zeemijl
  2. B3 zeemijl
  3. C1,8 zeemijl
  4. D2,5 zeemijl
Antwoord en uitleg

Goed is B: 3 zeemijl

Afstand = snelheid × tijd. Stap 1: 36 minuten = 36/60 = 0,6 uur. Stap 2: 5 × 0,6 = 3 zeemijl.

Bron: Navigatierekenen, afstand, snelheid en tijd

Vraag 10 van 12kvb2-O-0010

In uw vaarplan staat de afstand van Harlingen naar de haven van Vlieland op 18 zeemijl. U vaart 4,5 knopen door het water en er loopt geen stroom. Hoe lang doet u over dit traject?

  1. A4 uur en 30 minuten
  2. B3 uur
  3. C5 uur
  4. D4 uur
Antwoord en uitleg

Goed is D: 4 uur

Tijd = afstand / snelheid. 18 zeemijl / 4,5 knopen = 4 uur.

Bron: Navigatierekenen, afstand, snelheid en tijd

Vraag 11 van 12kvb2-O-0006

Op de Eems stuurt u kompaskoers 300°. De deviatie voor deze koers is 4° west en de variatie is 2° west. Welke ware koers hoort daarbij?

  1. A298°
  2. B306°
  3. C302°
  4. D294°
Antwoord en uitleg

Goed is D: 294°

Van kompaskoers naar ware koers: oostelijke deviatie en oostelijke variatie telt u op, westelijke trekt u af (het omgekeerde van ware koers naar kompaskoers). Stap 1: magnetische koers = 300° − 4° = 296°. Stap 2: ware koers = 296° − 2° = 294°.

Bron: Navigatierekenen, koers omrekenen (variatie en deviatie)

Vraag 12 van 12kvb2-O-0027

In een geul in de Waddenzee staat op de kaart een diepte van 1,5 m. Laagwater is om 04:00 uur met 0,5 m boven LAT, hoogwater om 10:00 uur met 2,9 m boven LAT. Hoeveel water staat er om 08:00 uur in de geul? Reken met de twaalfdelenregel.

  1. A2,3 m
  2. B4,4 m
  3. C3,3 m
  4. D3,8 m
Antwoord en uitleg

Goed is D: 3,8 m

Twaalfdelenregel: in de zes uur tussen laagwater en hoogwater stijgt het water per uur 1/12, 2/12, 3/12, 3/12, 2/12 en 1/12 van het getijverschil; bij dalend water gaat het net zo. Stap 1: getijverschil = 2,9 − 0,5 = 2,4 m. Stap 2: 08:00 uur is 4 uur na laagwater; het water is dan 1/12 + 2/12 + 3/12 + 3/12 = 9/12 gestegen: 9/12 × 2,4 = 1,8 m. Stap 3: waterhoogte = 0,5 + 1,8 = 2,3 m boven LAT. Stap 4: waterdiepte = kaartdiepte + waterhoogte = 1,5 + 2,3 = 3,8 m.

Bron: Navigatierekenen, twaalfdelenregel

Oefen dit onderwerp in de app: de vragen komen terug tot u ze goed heeft.

Oefen rekenvragen navigatie Doe een proefexamen

Andere onderwerpen

Meer over het examen: Klein Vaarbewijs 2 (KVB2): het examen, de stof en oefenvragen.

Bijgewerkt op 26 oktober 2026. Slagen is niet verbonden aan het CBR. Ziet u een fout? Mail support@slagen.eu met het nummer van de vraag.