Klein Vaarbewijs 2 (KVB2): het examen, de stof en oefenvragen
Het Klein Vaarbewijs 2 (KVB2) is het vaarbewijs voor alle Nederlandse binnenwateren, ook de grote: de Westerschelde, de Oosterschelde, de Waddenzee, de Eems, de Dollard, het IJsselmeer, het IJmeer en het Markermeer. U heeft het daar nodig voor dezelfde boten als het KVB1: een pleziervaartuig van 15 tot 25 meter, of een boot korter dan 15 meter die op eigen motor sneller kan dan 20 km/h.
Voor het KVB2 slaagt u voor twee theorie-examens bij het CBR: KVB1 en KVB2. Het examen KVB2 heeft 27 vragen, 23 meerkeuzevragen en 4 open kaartopgaven, in maximaal 90 minuten. U slaagt vanaf 35 van de 50 punten.
27vragen
90 minmaximaal
35 van 50punten om te slagen (70%)
1 tot 4punten per vraag
Oefen gratis in de vorm van het echte examen: twee proefexamens en tien vragen per onderwerp, met uitleg en bron bij elke vraag. Geen account nodig.
Het Klein Vaarbewijs 2 geldt op alle binnenwateren. Het verschil met het KVB1 zit in de wateren van maritieme aard (Binnenvaartregeling artikel 7.11b, tweede lid):
de Westerschelde en de Oosterschelde;
de Waddenzee, de Eems en de Dollard;
het IJsselmeer, het IJmeer en het Markermeer, behalve de Gouwzee.
Daar vaart u met een vaarbewijsplichtige boot alleen met het KVB2. Met het KVB2 mag u ook overal varen waar het KVB1 geldt; een apart KVB1 heeft u dan niet nodig. Andere grote wateren, zoals de Grevelingen en het Veerse Meer, vallen onder het KVB1.
Regel klein vaarbewijs I voor rivieren, kanalen en meren; klein vaarbewijs II ook voor de Westerschelde, Oosterschelde, Waddenzee, Eems, Dollard, het IJsselmeer, IJmeer en Markermeer (behalve de Gouwzee).
Hoe gaat het examen?
U maakt het examen op een computer bij een examencentrum van het CBR, in maximaal 90 minuten. Neem een geldig identiteitsbewijs en de bevestiging van uw reservering mee, en voor de kaartopgaven een koersplotter, geodriehoek of parallelliniaal en een scheepspasser of potloodpasser. Het CBR geeft u de examenkaart, een rekenmachine, kladpapier en een pen.
U kunt het examen KVB2 samen met het examen KVB1 reserveren en direct achter elkaar doen. Slaagt u alleen voor KVB1, dan kunt u een Klein Vaarbewijs 1 aanvragen. Zakt u voor KVB1, dan kunt u het examen KVB2 toch al doen.
De laatste vier vragen zijn open kaartopgaven over positie, koers, afstand en drift, op een kaart van het Markermeer en van de Waddenzee. Ze tellen samen 12 van de 50 punten. In Slagen oefent u die vier opgaven nu met rekenvragen over koers, afstand en drift; echte kaartopgaven volgen.
De toetsmatrijs: waar de punten zitten
Het examen volgt de toetsmatrijs van het CBR: één vraag per toetsterm, in een vaste volgorde, elk met een eigen aantal punten. Per onderdeel:
Onderdeel
Vragen
Punten
Wettelijke bepalingen ruim water
8
13
Navigatie
19
37
Totaal
27
50
Omdat de vragen niet even zwaar tellen, zegt het aantal goede antwoorden alleen niet of u slaagt. Met 15 goede antwoorden kunt u slagen, met 22 goede antwoorden kunt u zakken: het hangt af van welke vragen u mist. De proefexamens in Slagen tellen de punten op dezelfde manier.
Wat moet u kennen?
Slagen verdeelt de stof in 7 onderwerpen. Per onderwerp staan 12 voorbeeldvragen met antwoord en uitleg op een eigen pagina; in de app oefent u alle vragen.
Bij nacht ziet u op een ton een wit isofaselicht met een periode van 2 seconden: 1 seconde licht, 1 seconde donker. Welke markering is dit?
AEen splitsing van vaarwaters van gelijk belang.
BEen markering van veilig vaarwater, het midden van de geul.
CDe bakboordzijde van een haveningang.
DEen noordcardinale markering.
Antwoord en uitleg
Goed is A: Een splitsing van vaarwaters van gelijk belang.
De splitsingsmarkering van vaarwaters van gelijk belang (rood-groen horizontaal gestreepte bolvormige ton met rood-groene bol) toont indien verlicht een wit snel isofaselicht met een periode van 2 s. De veilig-vaarwatermarkering is ook wit, maar duidelijk langzaam, bijvoorbeeld Iso 6 of 8 s (BPR bijlage 8, onderdeel 2.1.3 onder a en 6.3).
U wilt een boei recht vooruit bereiken, maar de stroom staat dwars: hij komt van bakboord en loopt naar stuurboord. Wat doet u?
AIk stuur op naar bakboord, tegen de stroom in, zodat mijn weg over de grond recht op de boei blijft.
BIk stuur op naar stuurboord, met de stroom mee, zodat de stroom mij naar de boei brengt.
CIk houd de boeg steeds op de boei gericht en corrigeer pas als de boei duidelijk opzij staat; zo kom ik langs de kortste weg aan.
Antwoord en uitleg
Goed is A: Ik stuur op naar bakboord, tegen de stroom in, zodat mijn weg over de grond recht op de boei blijft.
Om een rechte weg over de grond te houden stuurt u op naar de kant waar de stroom vandaan komt: de boeg wijst iets naar bakboord, de stroom zet u naar stuurboord en samen komt u recht op de boei uit. Wie de boeg steeds op de boei houdt, vaart een boog met de stroom mee (de hondenkoers) en komt met een lange omweg en een scheve aankomst aan.
Bron: Vaarpraktijk: stroom en koers, Navigatie: stroomdriehoek en opsturen
Vraag 3 van 3kvb2-M-0040
De deviatietabel geeft op uw koers een deviatie van 3° O. Wat betekent dat?
AHet magnetische noorden ligt op die plaats 3° oostelijk van het ware noorden.
BDe deviatie bedraagt 3° en geldt voor alle koersen in de oostelijke helft van de roos.
CHet kompasnoorden ligt 3° oostelijk van het magnetische noorden.
Antwoord en uitleg
Goed is C: Het kompasnoorden ligt 3° oostelijk van het magnetische noorden.
Deviatie oost betekent dat het noorden van uw kompas 3° rechts (oostelijk) van het magnetische noorden staat; het kompas leest daardoor 3° te laag. De eerste optie beschrijft een oostelijke variatie, en een deviatie geldt alleen voor de koers waarbij hij in de tabel staat.
U moet voor beide examens slagen, KVB1 en KVB2. Ze mogen op dezelfde dag: u kunt ze bij het CBR samen reserveren en direct achter elkaar doen. Zakt u voor KVB1, dan kunt u KVB2 toch al doen.
Hoeveel vragen heeft het examen Klein Vaarbewijs 2?
27 vragen in maximaal 90 minuten: 23 meerkeuzevragen en 4 open kaartopgaven. Een vraag telt 1 tot 4 punten, samen 50. U bent geslaagd vanaf 35 punten, dat is 70%.
Hoeveel vragen mag ik fout hebben bij het KVB2-examen?
Dat hangt af van welke vragen u fout heeft, want de vragen tellen 1 tot 4 punten. Wie de zware vragen goed heeft, slaagt al met 15 goede antwoorden. Wie juist die mist, kan met 22 goede antwoorden nog zakken.
Wat moet ik meenemen naar het examen KVB2?
Een geldig identiteitsbewijs, de bevestiging van uw reservering, een koersplotter, geodriehoek of parallelliniaal, en een scheepspasser of potloodpasser. De examenkaart, een rekenmachine, kladpapier en een pen krijgt u van het CBR.
Heb ik het Klein Vaarbewijs 2 nodig op het IJsselmeer?
Ja, als uw boot vaarbewijsplichtig is: 15 tot 25 meter, of korter maar op eigen motor sneller dan 20 km/h. Het IJsselmeer, het IJmeer en het Markermeer (behalve de Gouwzee) zijn wateren van maritieme aard. Daar is het KVB1 niet genoeg.
Zijn de vragen van Slagen echte examenvragen?
Nee. De vragen van het CBR-examen zijn niet openbaar. Slagen schrijft eigen oefenvragen op basis van de wetteksten en de vaarpraktijk, met AI, en laat elke vraag onafhankelijk nakijken voordat hij in de app komt. Bij elke vraag staan de uitleg en de bron. Slagen is niet verbonden aan het CBR.
Wat kost oefenen met Slagen?
Op slagen.eu oefent u gratis: twee proefexamens en tien vragen per onderwerp. Alle vragen en onbeperkt proefexamens komen in de app voor iPhone en Android, die binnenkort in de App Store en Google Play staat. Volledige toegang kost eenmalig € 29,99 voor Klein Vaarbewijs 1 en 2, of € 12,99 voor Klein Vaarbewijs 2 erbij, voor wie KVB1 al heeft, zonder abonnement en zonder account.
Klaar om te oefenen? Begin met een proefexamen: evenveel vragen, dezelfde tijd en dezelfde punten als het echte examen. Daarna ziet u per onderwerp wat u nog moet leren.
Bijgewerkt op 26 oktober 2026. Vaarregels volgens het Binnenvaartpolitiereglement zoals dat geldt sinds 17 juni 2026. Slagen is niet verbonden aan het CBR. Ziet u een fout? Mail support@slagen.eu met het nummer van de vraag.